Defensie (Ministerie van Defensie)

Brothers in Arms

4 mei komt eraan. En als de klok 20.00 uur slaat die dag, is het stil in Nederland. Alle mensen en geluiden verstommen. Je hoort alleen nog het geluid van de wind en van de vogels. Bussen, trams en treinen rijden niet, de bediening in de horeca stopt even met werken, en mensen zetten hun telefoons als het goed is uit. Die 2 minuten stilte voelt straks dan ook weer als oorverdovend. Een stilte die spreekt…

Dodenherdenking op de Dam (Beeld: Ministerie van Defensie)

Ik zal op dat moment in Amsterdam op de Dam aanwezig zijn. Om daar, voor het eerst als Commandant der Strijdkrachten, een krans te mogen leggen. Ik weet nu al dat dit diepe indruk op me zal maken. Iedereen staat daar immers met hetzelfde doel: Het herdenken van alle burgers en militairen die in of namens ons land – sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog – zijn omgekomen in oorlogssituaties en bij vredesmissies. Waar ook ter wereld.

Militaire verbondenheid
Dat doet wat met je. Als mens. Maar ook als militair. Vele militairen kennen een collega die nu niet meer bij ons is. En als we zo iemand niet persoonlijk gekend hebben dan voelen we vaak nog een enorme verbondenheid. Dat is het bijzondere van ons vak. Wie militair is kiest er in principe voor zijn leven in handen te leggen van anderen. We dienen samen. We gaan samen op uitzending. En als een collega dan komt te overlijden dan voelen we dat allemaal.

Familie en collega’s herdenken Dennis van Uhm en Mark Schouwink. (Beeld: Toninho Norden (Facebook))

Niet voor niets gaan veel militairen op bezoek bij militaire begraafplaatsen, zoals in Margraten, Verdun en op de Grebbeberg. Ook de jonge mensen die na hun eerste uitzending veteraan worden bezoeken deze plaatsen. We voelen ons immers niet alleen met elkaar verbonden, maar evengoed met de Canadezen, de Amerikanen, de Britten de Fransen, de Polen of al die andere militaire bondgenoten. Omdat we ooit, net als die militairen hebben gekozen voor een heel bijzonder beroep. Een beroep waar je met gevaar voor eigen leven ingezet kan worden voor de vrijheid van ons allemaal. En dus ook voor een ander.

 

Dennis en Mark
Die diepe militaire verbondenheid zag ik de afgelopen tijd ook weer terug bij andere herdenkingen. Ik denk bijvoorbeeld aan de herdenking van Dennis van Uhm en Mark Schouwink hier in Nederland. Het mag dan vorige week tien jaar geleden zijn dat deze collega’s met hun voertuig op een geïmproviseerd explosief reden, maar de herinneringen aan hen en al die andere slachtoffers zijn onverminderd sterk. Dat bleek wel door de grote aantallen collega’s die – vaak met partner en kinderen – naar deze herdenking kwamen om even samen te zijn.

Herdenkingsplaats Dennis van Uhm met een foto van Dennis, bloemen en een fles whisky. (Beeld: Toninho Norden (Facebook))

Toninho Norden, een oud collega die zelf gewond is geraakt in Afghanistan en bij de herdenking was liet na afloop weten: ‘Eerst was er een praatje van de oud-commandant en daarna een minuut stilte voor Dennis en Mark. Toen ging er een fles whisky rond waar we allemaal een slok van namen zoals broeders dat met elkaar doen”. Ook zei Toninho dat hij ieder jaar bij het samenkomen de warmte en verbondenheid weer voelt. Of zoals hij het treffend zei: ‘Brothers in Arms’.

Traantje wegpinken
Ook elders op de wereld werden Dennis en Mark herdacht. Ons F-16 detachement in Jordanië trad bijvoorbeeld op 18 april aan om beiden te herdenken. “Wij zijn hier samen om onze gevallen collega’s te eren”, klonk het door een luidspreker op het kamp. “Zij die de hoogste prijs betaalden voor een veiliger Afghanistan, een veiligere plek op onze wereld. Iets waarvoor wij hier nu ook allemaal zijn.” Daarna volgde ook op het kamp in Jordanië 1 minuut stilte.

Voor mij is het dus duidelijk: Het militaire vak verbindt ons voor altijd. We zijn en blijven Brothers in Arms. Op 4 mei gaan we dat samen weer heel nadrukkelijk voelen. Waar we op dat moment ook zijn. Op de Dam, op de Grebbeberg of gewoon thuis op de bank. Velen pinken om 20.00 uur een traantje weg. Voor de maten die niet meer bij ons zijn. Voor hun dierbaren. En natuurlijk voor alle slachtoffers van die afgrijselijke oorlog. Want laten we vurig hopen, dat…nooit meer.

Luitenant-admiraal Rob Bauer
Commandant der strijdkrachten

30 april 2018

30-04-2018 | Weblog van de Commandant der Strijdkrachten | Defensie.nl